Terug naar lijst van de rassen
AÏDI
| RAS | LAND VAN HERKOMST | OORSPRONKELIJKE NAAM | ANDERE NAMEN |
| Bergtype Molosser | Marokko | Aïdi | Atlas Berghond |
| HOOFD
Een
berenhoofd, droog in goede verhouding met de rest van het lichaam.
Brede, afgeplatte schedel. Onduidelijke stop.
Kegelvormige snuit. Bruine
of zwarte snuit, in harmonie met de kleur.
Stevige kaken. Aangesloten,
zwarte of bruine lippen. |
![]() |
| OGEN
Van gemiddelde grootte, vrij donker. Enigszins schuine, goed gepigmenteerde oogleden. |
|
| OREN
Van gemiddelde grootte met afgeronde uiteinden, half afhangend gedragen. |
GEWICHT
Ongeveer 30 kg. |
| LICHAAM
Krachtig. Gespierde hals zonder keelhuid. Brede, zeer diepe borstkas. Brede, gespierde rug. Licht gewelfde ribben. Stevige, gebogen lendenen. Opgetrokken buik. |
KARAKTER
- EIGENSCHAPPEN -OPVOEDING
Uiterst
rustiek, enorm sterk en beweeglijk.
Hij is waakzaam en steeds tot actie bereid. Hij is moedig, klaar
om zijn baas en zijn huisgenoten te beschermen tegen roofdieren en
vreemden. |
| LEDEMATEN
Stevig,
licht gespierd. De voeten
zijn iets rond. Sterke
nagels in de kleur van de vacht. |
|
| STAART
Lang tot
aan de spronggewichten, laag gedragen, sabelvormig als de hond in rust
is. Weelderig behaard
(pluim). |
|
| VACHT
Zeer
dik, halflang (6cm) behalve op de kop en de oren waar het fijner en
korter is. De kraag is
voornamelijk mij de reuen ontwikkeld. |
VERZORGING
Hij
kan op een appartement leven op voorwaarde dat men hem voldoende
uitlaat. Hij moet wekelijks
geborsteld worden. |
| KLEUR
Veel
variatie: wit, zandkleur, fauve, rossig, gestroomd, wit en zwart, wit en
fauve, min of meer charbonné, driekleurig enz. |
|
| SCHOFTHOOGTE
52-62
cm. |
GEBRUIK
Waakhond. Gezelschapshond. |