Terug naar lijst van de rassen
HANNOVER'SCHER SCHWEISSHUND
| RAS | LAND VAN HERKOMST | OORSPRONKELIJKE NAAM | ANDERE NAMEN |
| Zweethonden | Duitsland | Hannover'scher Schweisshund | Hannoveraanse Zweethond - Leithund - Leihond |
| HOOFD
Middelgroot en lang. Brede, iets gewelfde schedel. Duidelijke wenkbrauwogen. Onopvallende stop. Licht gebogen neusbrug. Stevige brede snuit. Krachtige kaken. Brede neusspiegel. Hangende lippen met een vouw bij de mondhoeken. |
![]() |
| OGEN
Donkerbruin. |
|
| OREN
Hoog aangezet, middellang, afgerond aan de uiteinden, zeer vlak tegen het hoofd liggend, niet gekruld. |
GEWICHT
30 tot 35 kg. |
| LICHAAM
Lang. Lange, stevige hals. Borstkas dieper dan breed. Licht gewelfde, brede lendenen. buiklijn licht opgetrokken. Krachtige rug. Brede lange croupe, naar de staart toe iets hellend. |
KARAKTER
- EIGENSCHAPPEN -OPVOEDING
De Hannover'scher Schweisshund is stoutmoedig, krachtig en heeft een scherpe neus. Hij is een opmerkelijke spoorvolger, vastberaden en volhardend. hij wordt vaak gebruikt bij de jacht op hert en wild zwijn. Hij jaagt alleen of in paren. hij is gehoorzaam en aanhankelijk, en daardoor een goed gezelschap. Hij heeft een consequente en geduldige opvoeding nodig. |
| LEDEMATEN
Stevige, ronde, gesloten voeten met goed gewelfde tenen. Goed gespierde, vrij korte benen. |
|
| STAART
Hoog aangezet, lang, dik aan de basis, toelopend naar het eind, licht gebogen. |
|
| VACHT
Kort, dicht, hard op de romp. Langer en ruwer op de achterkant van de benen en de onderkant van de staart. |
VERZORGING
Hij is niet geschikt voor het leven in de stad. hij heeft ruimte en veel beweging nodig. Het is ook nodig hem regelmatig te borstelen en aandacht aan zijn oren te besteden. |
| KLEUR
Licht tot donker roodachtig bruin, meer of minder getijgerd. Met of zonder masker. enkele witte haren op de borst zijn toegestaan. |
|
| SCHOFTHOOGTE
Reuen: 50 tot 55 cm. Teven: 48 tot 53 cm. |
GEBRUIK
Jachthond. Gezelschapshond. |