Terug naar lijst van de rassen
LUNDEHUND
| RAS | LAND VAN HERKOMST | OORSPRONKELIJKE NAAM | ANDERE NAMEN |
| Arctische Jachthonden | Noorwegen | Norsk Lundehund | Lundehund |
| HOOFD
Middelbreed, wigvormig. Licht gewelfde schedel. Uitgesproken stop. Licht gebogen (holle) neusbrug. |
![]() |
| OGEN
Licht amandelvormig. Geelbruin. |
|
| OREN
Middelgroot, driehoekig. Breed aan de basis. Zeer beweeglijk, rechtop gedragen. Als de hond onder water is, worden de oren teruggevouwen om het gehoorkanaal af te sluiten. |
GEWICHT
Reuen: ongeveer 7 kg. Teven: ongeveer 6 kg. |
| LICHAAM
Rechthoekige vorm. Sterk. Vrij sterke hals met kraag. Lange, diepe borstkas. Licht opgetrokken buiklijn. Licht hellende croupe. Rechte rug. |
KARAKTER
- EIGENSCHAPPEN -OPVOEDING
Deze krachtige, energieke, waakzame en levendige hond heeft een onafhankelijk karakter, maar is niet agressief. Het is een opgewekte, aanhankelijke gezelschapshond. Hij is opmerkelijk lenig en flexibel. De Lundehund kan zijn voorpoten onder een hoek van 90° naar buiten draaien, en zijn hals is zo buigzaam dat hij zijn rug met zijn hoofd kan aanraken. Een consequente opvoeding is nodig. |
| LEDEMATEN
Sterke benen. Ovale voeten zijn licht naar buiten gedraaid. Er zijn zes tenen aan elke voet, acht voetzooltjes aan de voorbenen en zeven voetzooltjes aan de achterbenen. |
|
| STAART
Hoog aangezet. Matig lang. Rijk behaard. In een ring gedragen, licht gekruld over de rug, of hangend. |
|
| VACHT
Dicht en zwaar. Kort op het hoofd en de voorkant van de benen. Langer op de hals, achterkant van de dijen en staart. Zachte ondervacht. |
VERZORGING
Deze hond kan niet opgesloten worden gehouden. Hij heeft veel ruimte en beweging nodig. Regelmatig borstelen en kammen is nodig. |
| KLEUR
Kleur altijd in combinatie met wit: kastanjebruin tot geelbruin, met daartussen haren met zwarte punten; grijs; wit met donkere vlekken. |
|
| SCHOFTHOOGTE
Reuen: 35 tot 38 cm. Teven 32 tot 35 cm. |
GEBRUIK
Jachthond. Gezelschapshond. |