Terug naar lijst van de rassen
OGAR POLSKI
| RAS | LAND VAN HERKOMST | OORSPRONKELIJKE NAAM | ANDERE NAMEN |
| Lopende Honden | Polen | Ogar Polski | Poolse Brak |
| HOOFD
Vrij zwaar, elegant gevormd. Schedel net zo lang als neusbrug. Duidelijke stop. Goed ontwikkelde wenkbrauwbogen. Sterk gerimpeld voorhoofd. Lange stompe snuit. Sterke kaken. Dikke, hangende lippen. Grote, brede neus. |
![]() |
| OGEN
Schuin geplaatst, donkerbruin. |
|
| OREN
Laag aangezet, vrij lang, vrij hangend, licht gekruld aan het einde. |
GEWICHT
Reuen: 25 tot 32 kg Teven: 20 tot 26 kg. |
| LICHAAM
Zwaar. Sterke, gespierde hals met gevouwen keelhuid. Brede borstkas. Goed gewelfde ribben. Brede buik. Vlakke flank. Lange, brede en gespierde rug. Brede, vlakke croupe. |
KARAKTER
- EIGENSCHAPPEN -OPVOEDING
Deze vasthoudende hond heeft een groot uithoudingsvermogen. De Ogar Polski is niet uitermate snel. Hij heeft een uitstekende reukzin en een klinkende stem. hij kan op allerlei soorten terrein werken in elke weersomstandigheid. hij is aanhankelijk en een aangenaam gezelschap. |
| LEDEMATEN
Goed gespierde benen met stevige botten. Voeten hebben zeer gesloten tenen met sterke nagels. |
|
| STAART
Vrij laag aangezet, lang, lager hangend dan het spronggewricht, iets schommelend. |
|
| VACHT
Middellang, dik. Iets langer op de rug, de achterkant van de achterbenen en de onderkant van de staart. Dikke ondervacht. |
VERZORGING
Hij is niet geschikt voor het leven in de stad. Hij heeft ruimte en beweging nodig. Hij moet regelmatig geborsteld worden. |
| KLEUR
Geelbruin en zwart. Hoofd, oren, benen, borst en dijen tan. Lichaam zwart of donkergrijs, met een zwarte mantel. Witte aftekening op de borst, buik, onderbenen en staareind toegestaan. |
|
| SCHOFTHOOGTE
Reuen: 25 tot 32 kg. Teven: 20 tot 26 kg. |
GEBRUIK
Jachthond. Gezelschapshond. |