![]()
DE CAVIA
|
Cavia’s
worden al honderden jaren als huisdier gehouden.
Ze komen oorspronkelijk uit Zuid-Amerika en werden in de jaren 1600 geïmporteerd
in Europa. Deze dieren zijn
affectief en reageren goed op de attenties van hun baasje.
Een vrouwtjes cavia wordt een zeugje genoemd en een mannetjes cavia een
beer. Cavia’s zijn populair als
huisdier omdat ze niet veel ruimte nodig hebben, relatief weinig geur
verspreiden en leuke dieren zijn om mee om te gaan. |
|
Huisvesting
De kooi
van Uw dier moet een goede ventilatie hebben en groot genoeg zijn.
U zorgt beter voor een volle vloer.
Glazen aquaria worden beter niet gebruikt omdat de ventilatie hier vaak
tekort schiet. Wanneer U een kooi
gaat kopen, neemt U er beter één waarvan de randen hoog genoeg zijn om de
bodembedekking en het voedsel binnen in de kooi te houden maar het diertje toch
toelaten om over de rand te kijken. De
dieren moeten zich kunnen verschuilen bijvoorbeeld in hooi of onder een afdakje.
Een houten bakje of kartonnen doosje met één of meerdere openingen in
de zijkant dat wordt omgedraaid kan hier heel goed voor dienen.
Als U merkt dat het diertje zich altijd hieronder verschuilt waardoor het
minder sociaal wordt, kunt U dit verhelpen door het ‘huisje’ enkel ‘s
nachts te installeren en niet overdag. Het
is beter eerst een laag krantenpapier te leggen op de bodem van de kooi
vooraleer de bodembedekking te installeren.
Er bestaan verschillende soorten bodembedekking.
Hooi kan gebruikt worden maar kan moeilijk de urine van het diertje
opnemen waardoor het bijna dagelijks moet ververst worden.
Houtkrullen of zaagsel zijn in principe beter. Het zaagsel heeft als nadeel, zeker als het aan de fijne kant
is, zicht bij de beertjes kan ophopen onder de voorhuid van de penis en daar een
ontsteking kan veroorzaken. De
houtkrullen of het zaagsel moeten minimum één keer per week worden vervangen.
De ideale omgevingstemperatuur is 20-24°C.
Cavia’s kunnen goed tegen lagere temperaturen als ze een verblijf
hebben met voldoende bodembedekking en in groep worden gehouden.
Deze dieren zijn slecht bestand tegen hoge temperaturen.
Vooral drachtige zeugjes hebben problemen als de temperatuur hoger wordt
dan 30°C.
Voeding
U kunt
een ‘volledig’ cavia voeder kopen in iedere goede dierenspeciaalzaak.
Let erop niet te veel in één keer te kopen en vermijd voeder dat al te
lang in het rek staat. Het is namelijk zo dat het stockeren van caviavoeder
gedurende langere periodes aanleiding geeft tot een afbraak van voedingsstoffen
en vitamines. Wees altijd indachtig
om iedere voederwijziging (bv. Bij het overschakelen naar een ander merk)
geleidelijk aan door te voeren door het door elkaar mengen van het oude en
nieuwe voeder gedurende een tweetal weken.
Naast dit droogvoer moet het diertje ook hooi en verse groenten en fruit
krijgen. Hooi is zeer belangrijk om
de spijsvertering optimaal te houden. Het
is beter om het hooi na de aankoop uit de plastic verpakking te halen en te
bewaren in een houten bak of kartonen doos.
Verse groenten en fruit (denk eraan het fruit en de groenten te wassen
vooraleer U ze aan Uw diertje geeft) zijn dan weer een bron van vitamine C.
Cavia’s kunnen immers zelf niet hun vitamine C maken en hebben dus
dagelijkse aanvoer van vitamine C nodig. Fruit
en groenvoer (vooral broccoli, spinazie en bloemkool) zijn hiervoor geschikt,
maar vitamine C kan ook via het drinkwater worden gegeven in een dosering van
één gram per liter drinkwater. Vooral
in de winter is het nogal eens moeilijk om zonder vitamine C supplement in het
drinkwater aan de dagelijks behoefte aan vitamine C via het voeder te voldoen. Cavia’s zijn eerder slordige eters; ze morsen veel en doen
hun behoeften vaak in de voederbak (vaak indien deze laatste aan de grote kant
is). Het voedsel moet dus vaak
worden ververst en de voederbak moet regelmatig worden schoongemaakt.
Let erop een eerder zwaar (bv. aarden) voederbakje te gebruiken zodat het
bakje niet omvalt als het diertje met zijn/haar pootjes op de rand staat.
Drinkflesjes zijn beter dan potjes met water. Schaaltjes of bakjes met water worden namelijk gemakkelijk
bevuild met bodembedekking, voedsel en uitwerpselen van de cavia’s.
De drinkflesjes moeten regelmatig worden gereinigd omdat cavia’s in de
fles terugspuwen. Cavia’s doen aan coprofagie, wat een mooi woord is voor het
feit dat ze regelmatig hun eigen uitwerpselen opeten. Het is belangrijk om weten dat dit volledig normaal is voor
deze diersoort. Deze uitwerpselen
zijn een belangrijke bron van eiwitten en vitaminen.
Meestal nemen de diertjes deze uitwerpselen rechtstreeks vanuit de anus
op.
Hanteren
De
meest cavia’s houden er niet echt van om opgetild te worden.
Ondanks het feit dat ze graag worden geaaid, is het optillen een eerder
akelige ervaring. Het is daarom
normaal dat het diertje van Uw handen zal weglopen als U hem/haar wil optillen.
Denk eraan altijd voorzichtig en traag te bewegen als U het diertje wil
vangen. Verder is de cavia een goed
te hanteren diertje, dat niet zo snel zal bijten.
Hij/zij moet met beide handen worden opgepakt.
Het beste is het dier met de ene hand rond de schouders te pakken en met
de andere hand het onderlichaam te ondersteunen.
Cavia’s hebben een breed gezichtsveld maar kunnen niet zo gemakkelijk
voorwerpen echt scherp onderscheiden. Zij
kunnen ook moeilijk bepaalde hoogte inschatten.
Let er dus op de cavia niet onbewaakt op de tafel of het aanrecht achter
te laten, zodat hij/zij er af kan vallen met mogelijks breuken en inwendige
kwetsuren tot gevolg.
Sociaal
gedrag
Indien
U beslist om twee cavia’s te houden, kunt U beter twee zeugjes nemen.
Het is in principe mogelijk om twee beertjes tezamen te houden, maar dan
moeten ze wel tezamen zijn opgegroeid. In
het andere geval hebt U veel kans dat ze zullen vechten, wat kan leiden tot
ernstige bijtwonden. Twee zeugjes
kunnen ook wat kibbelen, maar daar blijft het meestal wel bij.
Als U een beertje en een zeugje wil tezamen houden, kunt U zich beter
voorbereiden op een mogelijk dracht en kleintjes.
Cavia’s vluchten bij het minste of geringste onraad, waarbij de groep
kan ‘exploderen’. Vlak voor de
schuilplaats kan het dier bevriezen, om er pas op het laatste moment in te
verdwijnen.
Kleintjes
op komst?
Drachtige
zeugjes zijn meestal in staat een gezond nestje op de wereld te zetten met een
minimum aan zorg, aangepast dieet en aandacht van de eigenaar.
Gedurende de laatste weken van de dracht kunt U wat extra glucose
(enkelvoudig suiker)(bv. onder de vorm van honing) aan het drinkwater van Uw
diertje toevoegen. Zorg er ook voor
dat de dieren zo weinig mogelijk worden gestresseerd en voorzie wat extra
vitamine C. Een propere kooi, veel
beweging en extra voorzichtigheid bij het hanteren van het dier laten het zeugje
toe een gezond nestje voort te brengen. Cavia’s
maken geen nest, maar verschuilen zich graag in hooi, dat dus ook beschikbaar
moet zijn. Het beschermt bovendien
de pasgeboren jongen tegen afkoeling. Pasgeboren
cavia’s zijn volgroeid in tegenstelling tot andere knaagdieren.
Het zijn nestvlieders. Een
normale worp is meestal 3 of 4 jongen, maar worpen van meer dan 6 jongen komen
voor. Bij de geboorte zijn de
jongen al behaard; de ogen zijn open en het gebit is ontwikkeld.
Het zeugje geeft de jongen melk gedurende 2 tot 3 weken, maar kort na de
geboorte kunnen de jongen al vast voer opnemen en water drinken.
Hoewel het zeugje maar één paar tepels heeft, kan ze goed nesten van 3
tot 4 jongen groot brengen.
Ziekte
en gezondheid
Om de
dieren in optimale conditie te houden, dient U ervoor te zorgen dat de diertjes
zich in een tochtvrije omgeving bevinden, dat het kooitje regelmatig wordt
ververst, dat er dagelijks droogvoer, hooi en groenvoer of fruit wordt gegeven
en dat er altijd proper water voorhanden is.
Maar … zelfs met de beste verzorging kan Uw diertje ook ziek worden.
Wanneer de cavia niet meer eet of drinkt, er vocht uit zijn/haar oogjes
komt, een doffe en rechtstaande vacht of diarree vertoont, ademhalingsproblemen
heeft, zich moeilijk kan voortbewegen, of andere abnormale gedragingen vertoont,
is het beter bij de dierenarts langs te gaan.
Intussen is het aangeraden wat extra vitamine C te voorzien en indien Uw
diertje niet meer wil drinken, water te geven door een spuitje te gebruiken.
Eventueel kunt U in dit water wat honing doen om extra energie te
voorzien.
Wetenswaardigheden
en tips
Wees voorzichtig indien U met Uw diertje buiten gaat. Er zijn cavia’s, vooral de oudere diertjes, die wennen aan uw huis en omgeving en meestal (!) dicht bij het huis zullen blijven. Indien het diertje niet meer spontaan wil terugkomen of per ongeluk uit zijn/haar kooi ontsnapt, jaag het dan niet achterna. Dit zal immers het diertje nog meer schrik aanjagen… Probeer het terug te lokken naar de kooi door de korreltjes door een te schudden in het voederbakje of andere geluidjes te maken die het diertje doen denken aan eten (bv. Een papierzak open- en dichtdoen).
De maximale
levensverwachting van een cavia is 12 jaar, maar het diertje leeft gemiddeld 5
jaar. Cavia’s zijn seksueel rijp
vanaf de leeftijd van 4 tot 6 weken. De
dracht van deze diersoort duurt 59 tot 72 dagen.
U kunt
gemakkelijk zien of U te maken heeft met een beertje of een zeugje door met de
vinger te drukken op het achterste deel van de onderbuik.
Bij een beertje zal de penis naar buiten komen.
Cavia’s zijn
knaagdieren, en zoals hun neefjes en nichtjes als de ratten, muizen… groeien
de voorste snijtanden hun hele leven lang door.
Indien deze niet mooi recht zijn ingeplant tegenover elkaar, kan het
nodig zijn om deze tanden bij te knippen. Ook
de kiezen van deze diertjes kunnen verkeerd tegenover elkaar staan waardoor
zogenaamde tandpunten ontstaan. Deze
scherpe uitsteeksels kunnen prikken in de tong of wang,
waardoor de diertjes pijn hebben bij het eten of moeilijk kunnen slikken.
Indien U merkt dat Uw diertje moeilijk, weinig of niet meer eet,
vermagert, of veelvuldig speekselvloed heeft is het echt belangrijk om zo snel
mogelijk de dierenarts te consulteren. De
dieren worden immers alsmaar slechter en bij lang wachten kan het echt moeilijk
zijn om ze nog te redden.
Wij
wensen U veel plezier en succes met Uw cavia (‘s) en indien U verder nog
vragen hebt, aarzelt U dan zeker niet om één van onze winkels
te raadplegen. Wij geven U graag
verdere uitleg.