![]()
DE
VERZORGING VAN DE GROENE LEGUAAN (IGUANA IGUANA)
|
Soortbeschrijving Groene leguanen (Iguana iguana) behoren tot de familie van de leguanen (Iguanidae) en bewonen grote delen van Midden- en Zuid-Amerika. Binnen dit gebied bewonen ze droge tot zeer vochtige bosbiotopen. Het zijn grote groene tot bruine hagedissen waarvan de kopromplengte tot 60 cm kan bedragen, de totale lengte tot 2 meter. In dierenwinkels worden meestal babyleguaantjes aangeboden met een totale lengte van minder dan 40 cm. Op de leeftijd van één jaar hebben groene leguanen een kopromplengte van 15 tot 20 cm. Bij jonge dieren tot een leeftijd van één jaar zijn de geslachten zeer moeilijk te onderscheiden aan de hand van uiterlijke kenmerken. Bij oudere dieren lukt het vaak om de geslachten te onderscheiden op basis van secundaire geslachtskenmerken: mannetjes hebben meestal een veel duidelijkere serie femoraal poriën ter hoogte van de dijen. Bovendien zijn bij mannetjes vaak de beide hemipenes te zien als bilaterale zwellingen, ventraal te hoogte van de staartbasis. Volwassen mannetjes hebben vaak een massievere kop, een over het algemeen sterker ontwikkelde rugkam en een oranje kleur op de voorpoten en de romp. Een 100% zekere geslachtsbepaling kan alleen bekomen worden met behulp van endoscopie. |
|
Manipulatie
Groene leguanen behoren
tot de weinige reptielen die werkelijk ‘handtam’ kunnen worden en een
beperkte binding met de eigenaar kunnen aangaan. Volwassen groene leguanen en dan vooral volwassen mannetjes
kunnen echter ook erg agressief zijn. Agressief
gedrag bestaat in de eerste plaats uit dreiggedrag: de dieren staan hoog op de
poten, vlakken het lichaam af naar de opponent toe en zetten hun keelwam op.
Als dit dreiggedrag genegeerd wordt, zullen veel leguanen bijten of met
de staart slaan. Bovendien krabben
leguanen met hun scherpe klauwen gemakkelijk de huid open.
Door het dragen van lederen handschoenen kan dit vermeden worden.
Het manipuleren van grote, agressieve leguanen is ten sterkste af te
raden aan personen die geen ervaring hebben met het manipuleren van reptielen.
Volwassen dieren die niet handtam zijn, moeten met één hand gefixeerd
worden achter de kop en over de voorpoten, terwijl met de andere hand, over de
heup, de beide achterpoten gefixeerd worden.
De staart kan onder een arm gestoken worden.
Terrarium
Groene leguanen zijn
zeer actieve, boombewonende dieren. Een
terrarium met de afmetingen 2 x 1,5 x 2 m. is gezien hun grootte, dan ook een
aanvaardbaar minimum voor drie volwassen dieren. Omdat mannelijke groene
leguanen zeer territoriaal zijn, kan er slechts één mannetje in het terrarium
gehouden worden. Zoniet zal dit
onvermijdelijk aanleiding geven tot vechtpartijen, vaak met zware verwondingen
tot gevolg. Zoals voor de meeste
reptielen genieten in gevangenschap gekweekte leguanen de voorkeur boven
wildvangdieren. De laatste zijn
door stress van vangen en transport meestal veel schuwer en ziek.
Het substraat wordt bij
voorkeur gekozen in functie van de hygiëne. Geschikte substraten zijn krantenpapier en droge bladeren.
Zand en houtkrullen kunnen nogal eens aanleiding geven tot obstipatie.
Een aantal dikke takken met een doorsnede van ong. 20cm. voor volwassen
dieren moeten de dieren in staat stellen te klimmen en hun klauwen af te
slijten. Een grote waterbak waarin
de dieren zich volledig kunnen onderdompelen wordt erg op prijs gesteld en helpt
bij de vervelling. Zoals bij vele
reptielen wordt ook bij groene leguanen deze waterbak vaak gebruikt om in te
defaeceren.
Veel eigenaren laten
hun groene leguanen vrij door de kamer lopen. Behalve schade aan de meubelen door de scherpe klauwen en
faecale verontreiniging, kunnen de dieren gemakkelijk ademhalingsaandoeningen
opdoen als er tocht in de kamer ontstaat. Sterke
temperatuursschommelingen doen zich voor onder ramen (ook gesloten !) en
bij deurkieren.
Verlichting
Voor de verlichting van het terrarium moet zowel met de lichtkwaliteit (het spectrum), de kwantiteit (de lichtintensiteit) als de belichtingsduur rekening gehouden worden. Zonlicht is de ideale bron van licht voor alle reptielen en is noodzakelijk, onder andere voor de vorming van actief vitamine D3. Voor de synthese van vitamine D3 is het UVB-aandeel van zonlicht noodzakelijk. Dit UVB wordt echter gefilterd door glas en wordt ook niet afgegeven door kunstverlichting, zoals Tl-buizen. Het is daarom noodzakelijk vitamine D3 te supplementeren via de voeding, ofwel onder de vorm van UVB-licht. De laatste jaren zijn lampen die een aandeel UVA en UVB uitstralen commercieel beschikbaar van verschillende merken. Het nadeel van deze lampen is dat ze vrij duur zijn en dat de dieren zich dicht (bij voorkeur 20 cm. of dichter) bij de lamp moeten zitten om van het UVB te kunnen profiteren. Naast het spectrum is ook de belichtingsintensiteit van belang. Hoge lichtintensiteiten kunnen bekomen worden met Tl-buislampen of ontladingslampen, zoals kwikdamplampen (HQL) en nog beter ioodlampen (HQI), zijn bij uitstek geschikt om lokaal hoge lichtwaarden te bekomen. Het is belangrijk de dieren s’nachts een rustperiode te geven door de verlichting uit te schakelen. Een dagnachtritme van 12 uren licht en 12 uren donker wordt aangeraden.
Verwarming
Naast verlichting is
verwarming zeer belangrijk voor het succesvol houden van leguanen.
Overdag is een achtergrondtemperatuur van 25 tot 30°C. voldoende.
Deze achtergrondtemperatuur kan bereikt worden door bijvoorbeeld een
warmtemat en/of warmtekabel onder en achter het terrarium aan te brengen.
Deze verwarmingstoestellen mogen echter niet meer dan een derde van het
bodemoppervlak innemen om oververhitting en brandwonden te voorkomen.
Lokaal moeten er plaatsen voorhanden zijn met temperaturen tot 45°C.
Geschikte warmtebronnen hiervoor zijn gloeilampspots, halogeenlampen,
ontladingslampen, infraroodlampen en keramische elementen.
Het nadeel van deze laatste is dat ze vrijwel geen licht geven maar zeer
veel warmte. De afstand van de
warmtebronnen tot de zonneplaatsen moet dan ook zo groot zijn dat de dieren zich
niet kunnen verbranden. Wegens het
brandgevaar mogen deze verwarmingselementen ook niet direct op hen gericht
worden. Door het creëren van deze
‘hotspots’ kunnen de dieren hun lichaamstemperatuur regelen door een plaats
met de gewenste temperatuur uit te kiezen.
’s Nachts is het aangewezen de temperatuur te laten dalen tot ongeveer
20°C.
Voeding
Juveniele leguaantjes
zijn omnivoor: naast plantaardig voedsel wordt ook een beperkt aandeel aan
dierlijk voedsel gegeten. Naarmate
de dieren ouder worden neemt het aandeel plantaardig materiaal in de voeding
toe. Volwassen groene leguanen zijn
dan ook vrijwel uitsluitend herbivoren. Het is dan ook erg belangrijk dat de voeding van volwassen
dieren uitsluitend uit plantaardig materiaal bestaat.
Hoewel plantaardig voedsel ook bij jonge dieren tot twee jaar de
hoofdmoot moet uitmaken van het dieet, kunnen af en toe insecten en andere
bronnen van dierlijke eiwitten gegeven worden.
Als insecten kunnen gangbare, commercieel beschikbare voedseldieren,
zoals krekels, sprinkhanen en meelwormen gevoederd worden.
Deze levende voeseldieren moeten gezien hun zeer lage calciumfosfor
verhouding bepoederd worden met een calciumpreparaat.
De meeste van deze preparaten bevatten bovendien vitamine D3.
Bovendien kan aan de insecten een zeer calciumrijke voeding gegeven
worden (‘gut loading’), zodat hun totaal calciumgehalte toeneemt.
Naast insecten kan ook hondenvoeding uit blik gegeven worden.
Als plantaardig voeder kunnen allerlei groenten (witloof, andijvie,
boerenkool, tomaat, veldsla, enz.) en tuinonkruiden (vogelmuur, paardebloem,
weegbree) gegeven worden. Af en toe
ka fruit gevoederd worden. Momenteel
bestaat een uitgebreid aanbod van commerciële leguaanvoeders, die over het
algemeen uit droge korrels bestaan. Het
is aan te raden om, naast dit droogvoer, de dieren ook te voorzien van verse
groenten en fruit. Als deze korrels
gebruikt worden, is het belangrijk te letten op de hoeveelheid vitamine D3 die
erin verwerkt is. Een maximum van
2000 IE per kg voeder wordt als een veilig maximum beschouwt. Hypervitaminose D3 geeft immers aanleiding tot irreversibele
pathologische veranderingen, zoals metaplastische verkalkingen van de grote
bloedvaten. Vooral als de dieren op
zand of houtkrullen gehouden worden, is het belangrijk dat het voedsel in een
schaal wordt aangeboden, zoniet kunnen houtkrullen en zand gemakkelijk mee
verorberd worden en aanleiding geven tot obstructies in het
spijsverteringskanaal.
Kweek
Leguanen zijn erg vruchtbare dieren. Omdat in het terrarium het nabootsen van droge en vochtige seizoenen vaak ontbreekt, kunnen de dieren zich gedurende het ganse jaar voorplanten. De dracht duurt gemiddeld 8 tot 10 weken. Een vrouwtje produceert ongeveer 20 tot 40 eieren per legsel. Voor drachtige vrouwtjes is een voldoende supplementaire met calcium en vitamine D3 erg belangrijk. Hypocalciëmie is immers één van de belangrijkste oorzaken van legnood bij leguanen. Ook het voorzien van een geschikte aflegplaats voor de eieren is belangrijk om legnood te voorkomen. Hiertoe kan een kistje met een ingang voorzien worden van vochtig zand. Het kistje mag niet hoger zijn dan 15 cm. zodat het vrouwtje te allen tijde contact met de wanden kan maken. Het zand moet een op temperatuur van 30°C gehouden worden om afsterven van de eieren te voorkomen. Als de eieren gelegd zijn, worden ze het best overgebracht naar een incubator, waarin een constante temperatuur van 28 tot 32°C en een relatieve luchtvochtigheid van 90 tot 100% heerst. Zeer geschikt voor de incubatie van reptieleneieren is vermiculite. Het substraat waarin de eieren uitgebroed worden moet licht vochtig (niet nat !) gehouden worden. Als de eieren invallen, moet de substraatvochtigheid licht verhoogd worden. Beschimmeling van de eieren treedt meestal slechts op na afsterven van het embryo. De uitkomresultaten kunnen zeer sterk variëren. Zeer belangrijk voor een hoog uitkomstpercentage is een optimale gezondheid (en dus voedering) van de moeder. Afhankelijk van de incubatietemperatuur komen de eieren na 65 tot 115 dagen uit met kopromplengte van ongeveer 6 cm. De jongen zijn onmiddellijk zelfstandig. Het wordt aangeraden hetzij aarde, hetzij faeces van de ouderdieren bij de juvenielen te plaatsen. Door opname van de aarde of door coprofagie kunnen de dieren dan snel de juiste darmflora ontwikkelen.
Hygiëne
Het zuiver houden van het terrarium houdt in de eerste plaats in dat de waterbak regelmatig gereinigd en ontsmet wordt en dat faeces uit het terrarium verwijderd worden. Bovendien moeten op regelmatige tijdstippen (bijvoorbeeld één maal per 2 maanden) de takken gespoeld en ontsmet worden. Zoniet ontstaan frequent abcessen op poten, staart of kop. Na werkzaamheden in het terrarium moeten de handen grondig gewassen worden. Zoals de meeste reptielen zijn leguanen immers frequent dragen van Salmonella. Klinische, leguaangeassocieerde salmonellose bij mensen wordt dan ook regelmatig vastgesteld.
Besluit
Groene leguanen behoren tot de goed in gevangenschap te houden hagedissen als tegemoetgekomen kan worden aan hun specifieke eisen. Omdat deze eisen qua ruimte, verlichting en verwarming voor groene leguanen hoog liggen, kan het houden van deze dieren niet zonder meer aangeraden worden. Andere, eenvoudiger te houden soorten die gemakkelijk als nakweek te bekomen zijn, zoals baardagamen (Pogona vitticeps en P. henrylawsoni) of luipaardgekko’s (Eublepharius macularius) zijn hiertoe veel beter geschikt.