Home  Artikelen  Winkels  Beurzen  Tips

DE MUIS

 

Muizen zijn nagenoeg de kleinste knaagdieren die als huisdier kunnen worden gehouden.  Wanneer mensen denken aan muizen halen de meeste de ‘witte muizen met de rode oogjes’ voor ogen.  Nochtans is deze diersoort verkrijgbaar in verschillende kleuren en variëteiten.  Het is niet altijd gemakkelijk om muisjes in een dierenspeciaalzaak terug te vinden, omdat ze niet zo populair zijn als huisdier in vergelijking met een dwergkonijn of cavia.  Dit is jammer, want één of meerdere muizen kunnen zeer goed worden gehouden als huisdier; ze hebben immers weinig ruimte nodig, kunnen binnenshuis worden gehouden, zijn goedkoop in aanschaf en onderhoud en kunnen zeer tam worden gemaakt.  

Huisvesting 

Kartonnen of houten dozen of kratten zijn niet echt geschikt om muizen in te houden.  Ze gaan namelijk de urine van het diertje opnemen en daardoor na een tijdje een slechte geur verspreiden.  De dieren kunnen hier ook weinig of niet klimmen en niet naar buiten kijken.  Deze dozen kunnen wel gebruikt worden wanneer U van plan bent om muizen te kweken.  Kooien zijn geschikt voor muisjes, mits de afstand tussen de tralies voldoende klein is!  Muisjes zijn immers meesters in het ontsnappen.  Een goede vuistregel is dat een volwassen persoon zijn/haar vinger niet doorheen de tralies kan steken.Kooien voor hamsters of vogels kunnen hier zeer goed dienst doen.  Een groot voordeel van kooien (in vergelijking met dozen of glazen bakken) is dat de muisjes goed kunnen klimmen (wat hen in goede conditie houdt) en dat er een goede ventilatie aanwezig is.  Vooral kooien met verschillende verdiepingen zijn aan te raden, omdat op die manier heel veel ruimte voor het dier wordt gecreëerd terwijl er weinig ruimte van de woonkamer wordt ingenomen.  Glazen bakken (oude aquaria) kunnen in principe ook worden gebruikt.  Deze hebben als voordeel dat de muisjes hier niet kunnen uit ontsnappen (tenminste als er een goed sluitend dekraam op ligt).  In glazen bakken kan ook een dikke laag bodembedekking worden gestapeld zonder dat het (zoals bij kooien) op de vloer of tapijt terechtkomt.  Het is immers zo dat muisjes graag holen graven en een dikke laag bodembedekking geeft hun de hiertoe de mogelijkheid.  Een ander voordeel is het feit dat deze bakken goedkoop in aanschaf zijn en de muizen beschermen tegen tocht.  Twee belangrijke nadelen zijn enerzijds het feit dat de dieren hier niet kunnen klimmen en anderzijds dat er in deze bakken geen goede ventilatie aanwezig is.  Als bodembedekking kan U zaagsel, hooi of papier gebruiken.  Versnipperd papier geeft niet echt veel warmte, kranten daarentegen voelen warm en gezellig aan.  Het is belangrijk dat U voor de muis een interessante en boeiende omgeving creëert.  U kan bijvoorbeeld zorgen voor (kartonnen) WC of huishoudpapier rolletjes, allerhande houten speeltjes, loopwieltjes, lege kartonnen doosjes, houten takken… 

Voeding 

U kan aan Uw muis een volledig hamster of gerbil voer geven, wat U kunt kopen in iedere goede dierenspeciaalzaak.  U geeft wel beter nog extra groenten en fruit erbij, zoals druiven, appels, bananen, komkommer, broccoli, wortelen…   Als extraatjes (wat bijvoorbeeld als beloning kan dienen) kan U gekookte pasta geven, zonnebloemzaden, rozijnen, noten, beschuit…   Niettegenstaande het feit dat muizen eerder weinig drinken, moeten ze toch altijd vers water ter beschikking hebben.  U kan beter gebruik maken van drinkflesjes; het is immers zo dat, als U water in potjes/bekers geeft, dit water zeer vlug bevuild zal geraken met uitwerpselen en urine. 

Hanteren 

Om muisjes tam te krijgen, kunt U als volgt te werk gaan:

De eerste dag is het beter het diertje gerust te laten, zodat hij/zij gewoon kan worden aan de nieuwe omgeving en kan bekomen van de rit van de winkel naar huis.

De tweede dag brengt U uw hand in de kooi van het diertje en wacht U een tijdje tot de muis aan Uw hand komt ruiken.  Wanneer het diertje dit doet, houdt U uw hand stil en laat U het diertje uw hand besnuffelen.

De derde dag kunt U het diertje optillen.  Probeer dit ‘s avonds te doen, omdat de diertjes dan actief beginnen te worden en goed zijn uitgeslapen.  U kan het diertje optillen aan de staartbasis (niet de staarttop) en op Uw hand zetten.  In het begin is het beter het diertje te blijven vasthouden aan de staart om te vermijden dat hij/zij uit Uw hand springt.  Na een tijdje is dit niet echt meer nodig; U kan het dier dan ook op Uw schouder laten zitten.  Het is echt niet nodig om het diertje dagelijks te hanteren/vast te houden/aaien om het handtam te houden.   

Sociaal gedrag 

Muisjes zijn zeer sociale diertjes.  Het is dan ook sterk aan te raden om meer dan één muis te houden.  Een muis die alleen leeft zal zich vervelen en zich eenzaam en ellendig voelen. Een alleenzittend diertje zal ook veel slapen en weinig actief zijn.  Als U er één enkel muisje op na houdt, zal U ook niet kunnen zien hoe leuk en speels muisjes met elkaar kunnen omgaan.  Volwassen mannetjes zullen meestal met elkaar vechten behalve als ze tezamen zijn opgegroeid.  Volwassen vrouwtjes komen meestal beter overeen en hebben als bijkomend voordeel dat hun urine niet zo sterk ruikt als die van mannetjes.   

Kleintjes op komst? 

Muisjes zijn klaar om zich voort te planten vanaf de leeftijd van acht weken, en ze kunnen in drie weken tijd een nestje hebben van twaalf jongen.  Zorg voor veel zacht en goed absorberend nestmateriaal zoals hooi, zakdoekjes, papier…  Vermijd het gebruik van watten, omdat de jongen hierin kunnen verstrengeld geraken.  Eventueel kunt U een ‘nestkastje’ maken voor de moeder in karton of hout, waarin U dan het nestmateriaal plaatst.  Het is beter het mannetje een aantal dagen voor de geboorte uit het kooitje te halen om te vermijden dat hij de jongen opeet.  De jongen zijn naakt, roze van kleur en blind.  Let erop dat U het nestje in het begin niet verstoort!  Na en zestal dagen zullen haartjes te voorschijn komen op de huid van de jongen en zullen ze wat kleur beginnen krijgen.  Na tien dagen zullen de muisjes hun oogjes opendoen.  Vanaf dit moment si het veilig om de jongen op te nemen en te ‘vertroetelen’.  Het is wel degelijk aan te raden om de jongen (weliswaar niet te vroeg) regelmatig vast te nemen omdat ze op die manier veel gemakkelijker en vlugger tam te krijgen.  U kunt de jongen vanaf 4-5 weken spenen (van de moeder weghalen).  Vergeet niet om de kersverse moeder extra eiwitten en vetten te geven wat U kan doen door hondenkoekjes, kleine stukjes gekookt vlees, zonnebloemzaden…  te supplementeren.  Zorg ook dat er altijd vers water te beschikking is! 

Ziekte en gezondheid 

Om de dieren in optimale conditie te houden, dient U ervoor te zorgen dat de diertjes zich in een tochtvrije omgeving bevinden, dat het kooitje regelmatig wordt ververst, dat er dagelijks droogvoer, groenvoer of fruit wordt gegeven en dat er altijd proper water voorhanden is.  Maar… zelfs met de beste verzorging kan Uw diertje ook ziek worden.  Wanneer uw muis niet meer eet of drinkt, er vocht uit zijn/haar oogjes of neusje komt, een doffe en rechtstaande vacht of diarree vertoont, ademhalingsproblemen heeft, zich moeilijk kan voortbewegen of andere abnormale gedragingen vertoont, is het beter bij de dierenarts langs te gaan. 

Wetenswaardigheden en tips 

·      Zoals U waarschijnlijk al hebt ondervonden hebben muizen hun eigen specifieke geur.  Vrouwelijke muizen ruiken minder in vergelijking met mannelijke muizen.  U kan de geur zoveel mogelijk beperken door het hoekje waarin Uw muis zijn/haar behoefte doet regelmatig te reinigen.  Het is beter de volledige kooi niet meer dan één of twee keer per week te verversen.  Indien U dit immers meer doet, zal de mannetjesmuis zoveel mogelijk gaan urineren, om telkens opnieuw zijn geur te kunnen afgeven.

·      Muisjes leven gemiddeld één tot twee jaar.  Het wereldrecord (oudste muis) bedraagt zeven jaar!

·      Tenslotte nog een aantal tips om verveling bij Uw lievelingsdier tegen te gaan.

 Zorg voor een speelkameraad.

Wij wensen U veel plezier en succes met Uw muis(jes) en indien U nog vragen hebt, aarzelt U dan zeker niet om één van onze winkels te contacteren.  

Bron